maandag 15 juni 2009
Postplay moves
zondag 12 april 2009
Dribble drills
zaterdag 16 augustus 2008
Squeezing post play drills
Squeezing drills:
Je "5" speler moet in staat zijn om agressief te spelen onder de borden. laat ze dan ook vaak tegen twee verdedigers spelen, die ook (té) agressief verdedigen. Als je het helemaal goed doet, pak je twee grote "kussen-achtige" voorwerpen, waarmee je de postspeler het leven zuur maakt:
Backboard squeeze drill:
1
2
Diagram 1: X2 gooit de bal tegen het backboard (O1 niet kijken, goed voor reactie vermogen). O1 pakt de rebound;
Probeer een juiste balans te vinden in hoe "hard" deze oefeningen er aan toe gaan. Meestal bij oudere (jeugd)teams hebben ze het redelijke inschattingsvermogen tot hoever ze kunnen gaan. Bij jongere teams moet je zeer voorzichtig zijn met dit soort oefeningen en is het zeer belangrijk dat je de oefening goed begeleidt, of juist zelf de "storende" zijn.
Probeer ook afwisseling in je drills te krijgen, bijvoorbeeld:
Lob squeeze drill:
2
Idem als vorige drill, alleen hier sealt de postspeler zijn verdediger en ontvangt de lobpass.
NB: probeer écht de nadruk op de agressie te leggen. Al hangen er 5 verdedigers aan je arm, die bal móet en zal er in gaan. Denk wel ten alle tijde aan de veiligheid die bij deze drill niet altijd gewaarborgd is.
Veel succes!
zondag 10 augustus 2008
Seizoenvoorbereiding
Misschien nog belangrijker dan je inspanning is de rust. Zorg dat spelers zich voldoende herstellen na een training. Na een inspanning zal het lichaam zijn rust hard nodig hebben om te herstellen. Het lichaam doet zo hard zijn best om te herstellen dat hij zich tevens alvast harder gaat wapenen tegen nóg zo'n inspanning. Met als gevolg dat het lichaam een bepaald gedeelte van de herstelperiode een hogere inspanning aankan dan de tijdens voorgaande trainingsprikkel. Dit noemen we de "supercompensatie". Zie de onderstaande grafiek:

zaterdag 9 augustus 2008
Dribble Drive Motion Offense
Coach Vance Walberg (Pepperdine University) werkte voorheen al met het principe “Key or Three”, en bedacht daarom zijn AASAA aanval (Attack, Attack, Skip, Attack, Attack), en mag zich daarom misschien wel de architect noemen van deze aanval. Coach John Calipari verfijnde deze principes tot wat later de Dribble Drive Motion Offense werd genoemd. En of nu analisten en liefhebbers ineens overal “Dribble Drive” aanvallen gaan zien die er niet zijn (wat her en der wel op het net regelmatig gebeurd omdat het ineens zo’n populair woordje wordt), of dat deze principes écht worden toegepast, de beelden die ik van bv. Memphis heb gezien, vind ik prachtig. Een team vol met echte atletische spelers, die stuk voor stuk een ijzersterke 1-1/drive hebben, waardoor hun aanval voor de neutrale kijker erg aantrekkelijk wordt.
De "Dribble Drive Motion Offense".
Ik zal in de onderstaande diagrammen enkele principes uiteenzetten van deze aanval. Uiteraard zal elke coach zijn eigen plays of varianten bedenken, echter is het voor jullie wellicht interessant om onderstaande plays eens te bekijken, en je eigen invulling / variant te maken.
Diagr. 1: We beginnen met een 4-out, 1-in startopstelling, waar O2 ver in de hoek staat (ruimte creëren voor de drive) en O4 ook niet te dicht op O1. Op het moment dat O1 zijn drive inzet, gaat O5 naar de weakside-block.
Mogelijke Entry’s:
1: Clear out:
2: Dribble links:
Diagr. 1: O1 penetreert de bucket in, kick-out naar inlopende 02;
Diagr. 2: O2 zet dribble in, kick-out naar inlopende o3;
Diagr. 3: O3 zet dribble in, kijkt voor de dump naar O5 of de kick naar perimeter. Evt. kan deze play doorgaan met de kick naar O4 welke ook weer zijn drive inzet.
NB: Hier wordt al duidelijk een weave-patroon zichtbaar in deze aanval, met veel penetratie, gevolgd door de pass voor de volgende drive.
3: Dribble rechts
Deze entry is bovenstaand al beschreven bij de principe omschrijving van deze aanval.
4: Wing snijdt in / screent voor driver:
1
2
Diagr. 1: O2 snijdt in (curl cut) of screent voor O1, gevolgd door pop-out. O5 snijdt naar andere block. O1 zet drive in en kijkt voor de dump naar O5, en de kick naar O4.
Diagr. 2: O4 heeft de keuze voor een backdoor en een simpele score, of een beweging hoog naar de wingpositie, voor de 3-punter.
Overige kenmerken:
1: Anders dan in andere motion offenses is tevens dat er weinig gebruik gemaakt wordt van screens. Het veld wordt zo groot mogelijk gemaakt, en als er al screens worden gezet is dat meestal op de aanvaller met bal.
2: De postplayer is meestal een echte afmaker, opposten gebeurd wel, maar dit heeft niet de prioriteit. Afhankelijk van de spelers in je team, kan je hier mee variëren. Maar zoals in bovenstaande diagrammen al te zien is, zorgt de postspeler in deze plays voor de ruimte en moet ie een bal echt af kunnen maken als zijn verdediger helpside geeft. Ontzettend belangrijk zijn hierbij zijn looplijnen, hij moet exact weten wanneer hij voor ruimte moet zorgen en direct weer aanspeelbaar moet zijn voor de lay-in.
3: Zeker met de nodige afwisseling van goede schoteigenschappen in je team, zal een tegenpartij zich 3x in de rondte moeten lopen om je af te stoppen.
Tot Slot:
Het principe van coach Walberg was niet voor niks "Key or Three". Óf je gaat voor de score inside, óf je kickt naar één van de perimeter spelers voor de 3-punter. Als je naar Memphis kijkt zijn deze 2 regels wat uitgebreider, de dump naar de postplayer, maar ook jumpers van binnen de 3-punt lijn komen regelmatig voor. Boston gebruikt elementen van deze dribble drive, maar bij Boston zit uiteraard zoveel individuele kwaliteiten op welk gebied dan ook, dat meerdere plays bij bepaalde situaties / tegenstanders gespeeld kunnen worden.
Uiteraard zijn er ook nadelen in deze aanval. De dribble blijft natuurlijk toch een risicovolle onderneming. Het moge dan ook duidelijk zijn dat je zonder ijzersterke 1-1 spelers aangevuld met goede schutters dit aanvalssysteem direct uit je hoofd kan zetten als coach. Als je goede 1-1 verdedigers tegen je krijgt, kan je inpakken en wegwezen. Bij een deadball situatie wordt het risico op een turnover door een onder druk gegeven pass te groot, en als de pass al aankomt is het risico op een verdedigd of geforceerd schot. Daarom: Kijk eerst naar welk team je hebt en beoordeel dan pas of het spel überhaupt bij je past. Het verdedigend evenwicht blijft ook een zéér kwetsbaar onderdeel. Zoals je op de diagrammen kan zien blijft er van het backcourt weinig meer over op bepaalde momenten van deze aanval.
Om jullie een beeld te geven van deze aanval, heb ik nog wat leuke beelden bijgevoegd, van Memphis en Boston. Vooral het filmpje van Memphis laat duidelijk de hierbovengenoemde kenmerken zien (backoor cuts, weavepatronen, 1-1 acties, kick-out en dumppasses, etc. etc.)
Ik zou zeggen, geniet ervan!
Memphis Tigers:
maandag 28 juli 2008
De Shell Drill
Iedere goede coach zal regelmatig deze drill invoegen in zijn training, de shell drill, zijn naam is afgeleid van de "schil" rond de bucket, de "sweet-spot" (midden van de vrije worp lijn) wat vrij moet blijven van aanvallers. Je kan de oefening gebruiken als aanval- of als verdedigingsoefening. Het ligt er maar aan waar je op dat moment de nadruk op legt, immers "de verdediging traint de aanval, en de aanval traint de verdediging".
In deze oefening kan je al je verdedigingsprincipes kwijt als trainer. Iedereen zal ongtewijfeld zijn eigen opvattingen hebben over hoe de teamdefense gespeeld moet worden, sommige trainers zeggen dat de aanvaller 1 pass verwijderd van de bal denial verdedigd moet worden, anderen zeggen dat deze pass in een helpside positie verdedigd moet worden. De ene trainer zegt dat in een helpside-stance 1 been in de bucket moet staan en 1 erbuiten, de ander zal ervan overtuigd zijn dat 1 been op de basket-basket lijn moet staan. Genoeg gedachten dus, en genoeg om over te discussieren.
De basis:
We kennen over het algemeen 3 verdedigende principes:
- On-ball defense: Verdedigen van de aanvaller met bal. Je stuurt je aanvaller weg van de bucket / midden van de aanvalshelft. Goed voetenwerk, je lichaam staat zover van de aanvaller dat je de bal van de aanvaller in tt-postitie zou kunnen aanraken.
- Deny defense: Verdedigen van de aanvaller zonder bal, één pass verwijderd van de aanvaller met bal. Zorg dat jouw hand in de lijn van de bal en je aanvaller zit. Zorg dat je niet teveel overspeelt (te hoog verdedigt) i.v.m. risico van een backdoor.
- Helpside defense: Verdedigen van de aanvaller zonder bal, méér dan 1 pass verwijderd van de bal. Zorg hierbij dat 1 been in de bucket staat en 1 been daarbuiten. Je ziet zowel aanvaller met bal als jouw aanvaller. ("Ball-You-Man", of "pistol stance")
Met bovenstaande principes gaan we aan de slag. De meest simpele vorm van deze drill (ik speel het liefst in een 4-out vorm) heeft een opstelling van 4 perimeter spelers rond de 3-punts lijn (een 4-out 1-in opstelling maar dan zonder postplayer). De coach brengt de bal in het team bij O1 of O2 noem ik de wings en O3 en O4 noem ik de corners. Op het moment dat O1 of O2 de bal krijgt start de drill:

In bovenstaande diagrammen kan je goed zien hoe de verdediging moet meeschuiven. In het eerste diagram zie je dat O2 de bal heeft, verdedigd door X2 in een "on-ball"stance, X1 en X3 "deny-en" de pass (1 pass verwijdert van de bal) en X4 staat in een "helpside"-stance. De aanvallers passen de bal rond, op een tempo dat de verdediging zijn positie kan innemen. Op het moment dat de verdediging staat, wordt de volgende pass gegeven. Wissel passes tussen spelers naast elkaar af met skip-passes, zodat er ook close-outs gemaakt moeten worden.
In mijn optiek moeten de helpside spelers van de perimeter aanvallers altijd met één been in de bucket staan zodat de close-out minder lang wordt. Ik vind dit persoonlijk belangrijker dan dat je een hechtere helpside hebt, een close-out wordt nu eenmaal vaker verslagen (hetzij met schot, hetzij een drive) dan een helpside-verdediger.
Je kan deze oefening, afhankelijk van het conditiepeil en het niveau van je team, in blokken van een bepaalde tijd geven, de eerste paar keer kan je de blokken langer houden, omdat de snelheid van de oefening nog relatief laag is (leerfase), je kan de intensiteit verhogen door de snelheid te verhogen, maak dan wel de oefening iets minder lang (bv 40 sec. i.p.v. 1 minuut).
Als je deze oefening doet, let dan op een aantal zaken:
- Begin bij het begin; laat de aanvallers niet als gekken rondpassen, maar laat de verdedigers hun plaats even nemen, je kan als coach hier invloed op uitoefenen, door de eerste paar keer een signaal te geven wanneer de volgende pass gegeven mag worden. Voer het tempo dan ook geleidelijk op gedurende de oefening. Geef ook aan dat de pass aan móet komen (geen steals), en dat het een voetenwerk oefening is. Dit zodat de oefening niet hele tijd stilligt.
- Zorg voor afwisseling; je kan als coach in de drill de bal op bepaalde momenten opeisen en een schot nemen, waardoor spelers moeten rebounden. Je kan ook de verdedigers hun handen op hun rug laten houden, waardoor het zwaarder wordt, en echt de nadruk kan leggen op het voetenwerk (positioneel verdedigen)
- Laat je spelers roepen; Het is leuk als je de spelers laat roepen wat ze doen, bijvoorbeeld in het eerste diagram kan X4 roepen "HELP-HELP-HELP!!" en X2 en X3 "DENY-DENY-DENY!!" en X1 "BALL-BALL-BALL!!". Dit wordt een behoorlijk luidruchtige oefening zo maar de spelers gaan meer nadenken over hoe ze moeten staan. Nog leuker wordt het als je de opdracht geeft dat juist diegene die bv. in deny-positie staan, dit moeten roepen. Goed voor de concentratie.
- Corrigeer!!; Zeker aan het begin van de oefening is het goed om kritisch te zijn op de posities van de verdedigers in het veld, let op hoe de verdedigers bewegen na een pass. let op dat de verdediger van de aanvaller met bal na een pass een goede "jump-to-the-ball" beweging maakt, dat de helpside verdedigers beide spelers kunnen zien, en dat de denial spelers niet te hoog verdedigen met de kans op een backdoor. Als de oefening nog niet zo snel gaat, is het ook makkelijker om het spel te "freezen", zodat spelers zien wat ze verkeerd doen of waarom ze verkeerd staan.
- Agressie; Ik vind dat dit soort oefeningen (eigenlijk elke verdedigingsoefening) met veel agressie uitgevoerd moet worden, zeker als het een bekende oefening is van de spelers, en dit (bijna) wekelijkse kost is. Met agressie bedoel ik het in de meest sportieve zin van het woord uiteraard. Het verdedigen moet in de koppies zitten, de 120% overtuiging van elke verdediger dat zijn aanvaller niet voorbij komt, of erger nog: zal scoren. Voor deze mentaliteitstraining is een shell drill uitermate geschikt.
Het moge duidelijk zijn dat we met deze drill al een behoorlijk gedeelte van onze training kunnen vullen, maar er zijn nog een hele hoop leuke toevoegingen / alternatieven te noemen. Want je kan deze oefening gedurende het seizoen als een rode draad door je trainingsplanning laten lopen en dus voor je spelers (op álle niveaus) zinvol maken. Ik heb dan ook onderstaand nog wat leuke ideeen uiteengezet.
NB: Bovenstaande aandachtspunten zijn voor alle onderstaande oefeningen/varianten van toepassing!!
Dribble penetration / Help & recover;

O1 wordt aangepasst door de coach, deze begint met zijn drive, waarbij X1 geholpen wordt door X3. in diagr. 2 passt O1 uit naar O3, waardoor X3 zijn "recover" actie maakt naar O3. Vervolgens kan O3 zijn drive inzetten tegen X3.
- Denk eraan dat alle 4 de verdedigers alert zijn op wat er met de bal gebeurt. Dus ook de spelers aan de helpside kant van het veld. Ook al hoeven zij niet direct te reageren op de penetratie, hun positie op het veld verandert wel degelijk.
Bij deze shell leggen we de nadruk op het insnijden (cutting) van de aanvaller, na een pass. Als je als verdediger niet alert op bent, ben je in veel gevallen gezien. De aanvaller snijdt voorlangs en je kan er alleen achteraan lopen en hopen dat de helpside er staat. Maar dit druist tegen onze principes in, want wij vinden dat iedereen verantwoordelijk is voor zijn eigen man. Daarom trainen we de "jump-to-the-ball" in deze oefening. Je geeft de aanvallers de mogelijkheid om in te snijden. Aanvallers mogen dit alleen doen na een gegeven pass. Als verdediger wil je voorkomen dat de aanvaller vóór je komt, daarom maak je een "step-slide" in de richting van de pass, zodat de ruimte voor het insnijden weg is voor de aanvaller. Zie onderstaande diagrammen:
Aandachtspunten:
- De aanvallers moeten lege plaatsen opvullen van insnijdende teamgenoten ("fill & replace"). Zie hiervoor ook de diagrammen. Hierdoor worden voortdurend de posities van zowel verdedigers als aanvallers aangepast.
- Denk aan het risisco voor de backdoor, zodra je als verdediger té gretig en een té grote stap, kan de aanvaller die gepasst heeft makkelijker een backdoor nemen. Houdt altijd contact met je aanvaller. Het kan ook best zijn dat ie een screen-away beweging maakt.
Screening / Pick & Roll;
In deze shell benadrukken we de spelers na hun pass een screen te zetten. We hebben 2 opties. Een screen óp de bal (met PNR) of een screen van de bal af (pass-screen-away). We stellen weer op in dezelfde opstelling als bovenstaand. Zie onderstaande diagrammen:

Ik ga niet gedetailleerd in op de manier hoe screens moeten worden verdedigd, daar zou ik zo nog een aantal A4-tjes over kunnen vertellen, dus vandaar dat ik dat achterwege laat, iedere coach heeft hier ook zo zijn eigen ideeen over. Wat op bovenstaande diagrammen te zien is, dat we in deze drill dus constant kunnen screenen. O1 krijgt weer de bal van de coach, welke doorpasst naar O2. Vervolgens zet hij een screen op O3. In het 2e diagram hetzelfde verhaal, echter nu zet O2 na een pass op O3 een screen-away op O4. In het laatste diagram passt O2 naar O3, en screent óp de bal. waarna de pick&roll volgt. Let op: géén doelpogingen! X4 geeft helpside, waardoor O3 een pass geeft naar O4 en X4 maakt een closing-out en gaat de drill weer verder.
Aandachtspunten:
- Let ook hier weer op de fill-replace principes, alle spelers moeten alert zijn op openvallende spots. Na elke pass / actie moet er weer een 4-out opstelling ontstaan.
- Denk weer aan de aandachtspunten die al eerder genoemd zijn.
Overige varianten van de shell drill:
Een leuke variant is de 2-2 shell, waar de coach of een 5e speler de vrije man is die elke richting op kan dribbelen, waar de overige spelers op moeten anticiperen. De vrije man kan ook kiezen om te driven, waardoor de helpside spelers direct moeten reageren. Maar de vrije man kan ook kiezen voor het schot, waardoor de verdedigers direct moeten uitboxen en rebounden. Zie diagram:

- De bal begint altijd bij O1 (X1 is on-ball, X2 is denying), die passt naar de coach, waardoor de spelers hun positie direct moeten gaan aanpassen.
4-3 Shell;
- Deze oefening kan ook in een 3-2 variant gegeven worden (triangle-shell) of een 5-4 variant. De principes komen op hetzelfde neer.
Tot slot:
Ik hoop dat velen hiermee aan de slag kunnen. Ik ben ervan overtuigd dat deze oefening een basis kan leggen tot een goede (team)defence. Mits je minimaal de volgende dingen in acht neemt:
- Begin bij het begin en zorg voor een goede opbouw van niveau en tempo;
Steve Nash 20 minute work-out
Bekijk onderstaande video eens van Steve Nash, wellicht voor vele pointguards/ shootingguards een interesante optie...
Welkom
















